Ontwikkeldoel
De kleuters kunnen handelend en verwoordend twee dingen op hun kwalitatieve eigenschap vergelijken.
De kleuters kunnen bij benadering een voorwerp "meten" met een zelfgekozen maateenheid.
ZILL
|
|
WDmm1 |
Vergelijken en ordenen zonder maateenheden • 4-8j Twee of meer dingen kwalitatief vergelijken volgens grootte, gewicht, lengte, volume, tijdsduur, temperatuur, snelheid ... en daarbij woorden gebruiken zoals groter, kleiner, langer, donkerder, even zwaar, korter, sneller - dingen sorteren op basis van een kwalitatieve vergelijking volgens één of meer gemeenschappelijke kenmerken |
|
|
WDmm2 |
Inzicht verwerven in het meetproces • 4-6j Voorwerpen bij benadering 'meten' met een zelfgekozen maateenheid |
GO
Kwalitatief vergelijken
De kleuters kunnen:
§/§§ vergelijkingen maken en eenvoudige onderlinge relaties beschrijven.
§/§§ handelend en verwoordend twee dingen op hun kwalitatieve eigenschap vergelijken (O.D. 2.1)
Kwantitatief vergelijken
De kleuters:
§§ kunnen bij benadering een voorwerp “meten” met een zelfgekozen maateenheid (O.D. 2.6)
OVSG
Mogelijke thema's zijn:
- muziek
- music maestro
- afval
- water
- recyclage
- enz.
Opzet is het maken van muziek met flessen gevuld met water. Zowel het aspect 'muziek' als 'recyclage' kunnen het uitgangspunt vormen van deze activiteit.
De benodigde materialen zijn:
- lege glazen flessen
- water
- stokken
- handdoek
- trechter
STAP 1 aanknopingspunt
Er kan vertrokken worden vanuit de probleemstelling dat de muziekinstrumenten van een orkest gestolen of verloren zijn. De dirigent van het orkest vraagt daarom hulp aan de kleuters. Maar het enige waarover hij beschikt zijn lege glazen flessen en water.
Of er kan ook vertrokken worden vanuit de materialen op zich en de kleuters de probleemstelling voorleggen hoe we hiermee muziek kunnen maken.
De kleuters brainstormen vrij hoe ze hiermee muziek kunnen maken.
STAP 2 exploreren (in kleine groep)
De kleuters krijgen de ruimte om te exploreren met de voorziene materialen.
Observeer en speel eventueel mee.
Neem hier voldoende de tijd voor.
Indien de interesse afneemt, gaan we over naar stap 3.
STAP 3 wiskundige kern (in kleine groep)
Na verloop van tijd kom ik erbij en vraag ik:
- Wat hebben jullie gedaan met de flessen en het water? Hoe kun je hiermee nu muziek maken? Hoe zijn jullie op dit idee gekomen?
Of indien ze moeilijk tot een idee komen kun je hen stimuleren door te vragen 'Wat als we nu eens water in de flessen zouden doen?'. - Hebben jullie in alle flessen evenveel water gedaan? Welke fles is leeg, vol, halfvol, bijna leeg, bijna vol?
- En klinken alle flessen hetzelfde? Hoe klinkt de volle fles? En hoe klinkt de halfvolle fles? Enz.
De focus bij deze activiteit ligt op de hoeveelheid water in de fles (met de bijhorende begrippen 'leeg, vol, bijna vol, bijna leeg, halfvol) en de relatie met de klank die je hiermee produceert.
Differentiatie naar boven: we drukken de hoeveelheid water uit in het aantal benodigde bekers. Bv. 1 beker: bijna leeg – 3 bekers: halfvol. (doel: meten met natuurlijke maateenheden)
STAP 4 terugblik
De kleuters verwoorden en demonsteren wat ze hebben gedaan en wat ze hebben opgemerkt.
De dirigent bedankt de kleuters (indien er vertrokken werd vanuit deze probleemstelling).
Tip: we kunnen deze muziekinstrumenten vervolgens een plaats geven in de muziekhoek waar ze hun instrument verder mogen verkennen. Zie ook activiteit 'muziek maken - deel 2'.